Over alimentatie, het LBIO en wat er gebeurt wanneer de regels gevolgd worden, maar het patroon blijft bestaan
Er lag weer een brief. Een overzicht, een aantal betalingen en de vraag of een bepaalde betaling wel of niet was binnengekomen. Ik opende mijn bankieren, zocht de betaling op en zag hem staan. De betaling was gedaan en ik had hem eerder al doorgegeven. Alleen stond hij niet in het overzicht dat ik had ontvangen. Ik zocht het betaalbewijs erbij, stuurde het opnieuw op en vroeg om het saldo te corrigeren. Niet lang daarna kwam het antwoord. De betaling werd verwerkt en het openstaande bedrag werd aangepast. De fout was hersteld en deze keer gebeurde dat snel.
Toch dacht ik op dat moment maar één ding: dit is precies waar ik vanaf probeer te komen.
Het ging niet om die ene betaling. Het ging over het moeten blijven opletten. En hoewel mijn klacht over het afgelopen jaar veel zichtbaar heeft gemaakt, begint dit verhaal niet daar. Onze situatie is al veel langer bekend bij het LBIO. Door de jaren heen heb ik meerdere keren een beroep op hen moeten doen rond de alimentatie. Iedere keer hoop je dat het daarna structureel goed loopt. Iedere keer wil je het dossier weer kunnen sluiten, letterlijk én in je hoofd. En iedere keer dat het opnieuw misgaat, begint dezelfde beweging weer.
Het begon nooit bij één betaling
Wanneer je mijn dossier uitsluitend als administratie bekijkt, bestaat het uit betalingen, data en brieven. Een betaling kwam later binnen, een overzicht moest worden gecorrigeerd, er werd correspondentie gevoerd en uiteindelijk werd er weer iets opgelost. Mijn reden om het LBIO in te schakelen lag alleen veel dieper dan de financiële administratie.
Er ligt een ernstige voorgeschiedenis met de vader van mijn kinderen en er is een contactverbod. Ik kies ervoor om de details daarvan hier niet te delen. Voor dit verhaal is vooral van belang dat afstand in mijn situatie een functie heeft. Rust heeft een functie. Voorspelbaarheid heeft een functie. Een officiële route is voor mij daarom meer dan een administratieve tussenstap. Het is juist een manier om niet iedere maand opnieuw rechtstreeks te hoeven schakelen over iets waarvoor duidelijke afspraken bestaan.
Ik wilde niet steeds opnieuw mijn bankrekening openen met de vraag of een alimentatiebetaling volgens afspraak was binnengekomen en vervolgens zelf actie moeten ondernemen wanneer dat niet zo was. Ik wilde de verantwoordelijkheid die niet van mij was daadwerkelijk neerleggen waar die hoorde. Toch controleerde ik opnieuw betalingen, leverde ik informatie aan, stuurde ik betaalbewijzen en wachtte ik op reacties. Er werd gesproken over het overnemen van de inning en later ging dat niet door. Uiteindelijk diende ik een klacht in. Het LBIO erkende daarin dat de behandeling op onderdelen sneller, concreter en duidelijker had gekund.
Die erkenning vond ik belangrijk. Wanneer iets goed wordt opgepakt, mag dat ook gezegd worden. De onderliggende situatie veranderde er alleen niet door. Zodra de volgende betalingsperiode begon, ontstond opnieuw dezelfde vraag: is er betaald? Om te weten of er iets moest gebeuren, moest iemand dat controleren.
Die iemand bleef ik.
Wanneer de werkwijze de cirkel niet doorbreekt
Een bankrekening openen kost weinig tijd. Een betaling controleren ook. Hetzelfde geldt voor het versturen van een betaalbewijs. De belasting zit alleen niet in die ene handeling. Ze zit in de herhaling. Kijken, controleren, constateren, doorgeven, wachten en opnieuw beginnen.
En precies daar begon mijn vraag steeds meer over het systeem zelf te gaan.
Het LBIO beschrijft zelf hoe de procedure werkt. Wanneer de ontvanger een inningsverzoek doet, krijgt de betalingsplichtige eerst de gelegenheid de verschuldigde achterstand alsnog rechtstreeks te betalen. Wordt de volledige achterstand binnen die fase betaald, dan stopt het LBIO de bemiddeling en volgen er geen verdere stappen. Wordt de achterstand niet volledig betaald, dan neemt het LBIO de inning over en start de incassoprocedure. LBIO
Op papier is die werkwijze goed te volgen. Eerst krijgt iemand de gelegenheid alsnog aan de betalingsverplichting te voldoen. Pas wanneer dat niet gebeurt, volgt een zwaardere stap. Alleen ontstaat er een probleem wanneer je niet naar één achterstand kijkt, maar naar een patroon dat zich over langere tijd herhaalt.
Want wanneer iemand te laat of onvolledig betaalt, de ontvanger dit constateert en het LBIO inschakelt, kan de betalingsplichtige de achterstand alsnog voldoen. Daarmee is het probleem van dat moment administratief opgelost en stopt de bemiddeling. Wanneer het later opnieuw gebeurt, moet de ontvanger opnieuw constateren dat er een achterstand is en opnieuw een aanvraag doen. Het LBIO vermeldt zelf dat na sluiting van een zaak bij een nieuwe betalingsachterstand opnieuw een aanvraag kan worden gedaan. LBIO
En daar zit voor mij de kern.
De betaling kan zijn hersteld terwijl het patroon blijft bestaan.
Voor een systeem zijn dit afzonderlijke betalingsmomenten. Voor degene die iedere keer opnieuw moet controleren, zijn het geen losse momenten. Ze vormen samen één geschiedenis. Zeker wanneer een dossier al jarenlang bekend is en een instantie meerdere keren betrokken is geweest, vind ik het te beperkt om alleen te kijken naar de vraag of de actuele achterstand uiteindelijk is aangevuld. De herhaling zelf vertelt óók iets.
Het opvallende is dat het LBIO die herhaling op een ander moment in de procedure wél meeweegt. Zodra de inning daadwerkelijk is overgenomen, gelden wettelijke voorwaarden voordat de zaak wordt gesloten. De betalingsplichtige moet onder andere minimaal zes maanden via het LBIO betalen. Bij een volgende overname verdubbelt die periode naar twaalf maanden en daarna opnieuw. Er bestaat dus een mechanisme waarin eerdere problemen gevolgen hebben voor hoe lang structureel toezicht nodig blijft. LBIO
Maar daarvoor moet de inning eerst daadwerkelijk zijn overgenomen.
Wanneer een achterstand vóór die overname alsnog wordt voldaan, stopt de bemiddeling. Daarmee ontstaat precies de ruimte waar mijn vraag over gaat: wat gebeurt er met een terugkerend patroon dat steeds wordt hersteld voordat structurele overname plaatsvindt?
Voor een administratie zijn het verschillende betalingsmomenten. Voor een mens is het één voortdurend patroon.
Waar de Ombudsman eindigt en de beleidsvraag begint
Mijn klacht kwam uiteindelijk ook bij de Nationale ombudsman terecht. Dat gebeurde nadat ik al langere tijd probeerde duidelijk te maken dat mijn bezwaar verder ging dan één betaling of één fout in een dossier. Ik wilde begrijpen waarom degene die juist afstand en voorspelbaarheid probeert te creëren steeds opnieuw degene blijft die moet constateren dat het proces niet volgens afspraak verloopt.
Het gesprek met de Ombudsman was vriendelijk. Er werd naar mijn verhaal geluisterd. Voor mij werd in dat gesprek ook bevestigd hoe ingewikkeld dit probleem is: wanneer het LBIO binnen de bestaande regels en werkwijze handelt, is er een grens aan wat via een individuele klacht bereikt kan worden. De Nationale ombudsman kan klachten over gedragingen van overheidsorganisaties onderzoeken, oordelen en adviseren, maar die oordelen en adviezen zijn niet bindend. De Ombudsman onderzoekt bovendien geen klacht die gaat over algemeen overheidsbeleid of wet- en regelgeving als zodanig. Nationale ombudsman
En daar werd voor mij iets heel belangrijks zichtbaar.
Het LBIO kan een individuele betaling corrigeren. Het kan een klacht behandelen en erkennen dat onderdelen van de behandeling beter hadden gekund. De Ombudsman kan vervolgens kijken naar de manier waarop een overheidsorganisatie met een klacht is omgegaan. Maar daarmee is de onderliggende cirkel nog niet automatisch doorbroken.
Dat betekent niet dat er niets gebeurt. Er gebeurt juist van alles. Brieven worden verstuurd, betalingen worden gecontroleerd, achterstanden worden aangevuld, klachten worden behandeld en fouten worden gecorrigeerd. En toch kan degene voor wie het systeem bedoeld is uiteindelijk weer op precies dezelfde plek terechtkomen: zelf controleren of het deze maand wél goed gaat.
Daar ligt mijn kritiek.
Niet bij de gedachte dat iedere medewerker van het LBIO iets verkeerd doet. Niet bij de verwachting dat iedere betalingsachterstand onmiddellijk tot zware incassomaatregelen moet leiden. Mijn vraag gaat over wat er gebeurt wanneer een systeem iedere gebeurtenis afzonderlijk oplost, terwijl de opeenvolging van die gebeurtenissen het werkelijke probleem vormt.
Wanneer een dossier door de jaren heen meerdere keren terugkomt, wanneer dezelfde ontvanger opnieuw moet signaleren en wanneer de achterstand na interventie telkens alsnog wordt hersteld, moet er volgens mij ruimte zijn om naar die geschiedenis als geheel te kijken. Anders kan het systeem iedere keer correct handelen binnen het afzonderlijke moment en tegelijkertijd de cirkel als geheel in stand laten.
Waar het systeem ophoudt
Niet lang na de laatste correspondentie ontving ik opnieuw rechtstreeks een bericht over de alimentatie. De vraag of ik wel goed had gekeken, het verzoek om mijn bankieren te controleren en het voorstel om voortaan rechtstreeks contact op te nemen wanneer er iets niet klopte, zodat het opgelost kon worden.
Ik maak dat bericht niet openbaar. De discussie over welke betaling op welke datum is gedaan verandert de kern niet. Wat mij raakte was wat er opnieuw van mij werd gevraagd: controleren, contact opnemen en helpen om het samen op te lossen.
Daar voelde ik heel duidelijk mijn grens.
Ik ga het niet opnieuw uitleggen. Ik ga niet bewijzen waarom ik voor deze route heb gekozen. Ik ga iemand niet proberen te laten begrijpen waarom rechtstreeks contact voor mij geen oplossing is. Er bestaat een officiële route en ik mag daar gebruik van maken. De verantwoordelijkheid voor het uitvoeren van afspraken hoeft daardoor niet opnieuw bij mij terecht te komen.
Daar raakt mijn persoonlijke verhaal aan een grotere maatschappelijke vraag. Niet iedere relatie eindigt in een situatie waarin voormalige partners ontspannen afspraken kunnen blijven maken. Er bestaan relaties waarin sprake is geweest van geweld, stalking, controle, dwang of intieme terreur. Er bestaan contactverboden. Er zijn kinderen betrokken die hun eigen gevolgen van die geschiedenis dragen.
In zulke situaties betekent een financiële verbinding meer dan het overmaken van alimentatie. De vraag is het geld uiteindelijk betaald? vertelt dan maar een deel van het verhaal. Een andere vraag wordt minstens zo belangrijk: wat heeft iemand iedere maand opnieuw moeten doen om ervoor te zorgen dát het uiteindelijk werd betaald?
Moet diegene blijven controleren, melden en aantonen wat er gebeurd is? Moet er iedere maand opnieuw iets misgaan voordat er actie volgt? En wanneer hetzelfde patroon zich blijft herhalen, blijven we dan naar iedere betaling afzonderlijk kijken of gaan we het geheel zien?
Dat is de vraag die na mijn traject is blijven liggen.
Hier houdt mijn verantwoordelijkheid op
Ik weet inmiddels dat ik het systeem niet eigenhandig kan veranderen. Dat inzicht geeft me ook rust. Het is mijn taak niet om ieder gat dat ik tegenkom vervolgens zelf te dichten.
Ik kan wel vertellen wat ik heb gezien. Ik kan mijn ervaring zorgvuldig opschrijven. Ik kan een vraag bij de politiek neerleggen en andere mensen die hetzelfde herkennen de mogelijkheid geven om hun stem daaraan toe te voegen. Daarom start ik een petitie. Mijn eigen alimentatiedossier blijft binnen de officiële route waar het thuishoort. Met de petitie vraag ik aandacht voor het grotere probleem:
herhaaldelijk te late of onvolledige alimentatiebetalingen moeten als patroon meegewogen kunnen worden, zodat de ontvanger niet iedere betalingsperiode opnieuw degene blijft die controleert en aan de bel trekt.
Daarbij wil ik aandacht voor situaties waarin sprake is van ernstige onveiligheid en waarin afstand tussen voormalige partners onderdeel is van veiligheid.
Daarmee heb ik voor nu gedaan wat voor mij klopt. Wat anderen ermee doen ligt bij hen. Wat de politiek ermee doet ligt daar.
En juist daarin herken ik de diepere laag van dit hele verhaal. Ik heb een groot deel van mijn leven geleerd om op te letten, vooruit te denken, verantwoordelijkheid te nemen en ervoor te zorgen dat dingen uiteindelijk goed kwamen. Dat heeft me ook veel gebracht. Ik kijk niet gemakkelijk weg wanneer iets niet klopt. Herstel vraagt alleen iets anders van mij: herkennen waar mijn verantwoordelijkheid eindigt.
Dat is een van de grotere lijnen in het boek dat ik schrijf. Over mijn jeugd, langdurige onveiligheid, intieme terreur, moederschap, mijn lichaam en de systemen waar je vervolgens mee te maken krijgt. En vooral over wat er gebeurt wanneer je stopt met proberen vrij te worden door alles onder controle te krijgen.
Vrijheid begint voor mij steeds meer bij doen wat werkelijk van mij is. Mijn stem gebruiken wanneer iets gezegd moet worden. Een grens trekken wanneer die nodig is. Verantwoordelijkheid nemen voor mijn keuzes en de verantwoordelijkheid voor de keuzes van een ander daar laten waar die hoort.
Lees meer over het boek waar ik aan schrijf


